Mercosur-verdrag

Brussels Gewest stelt haar voorwaarden

Het Brussels Gewest heeft een aantal strikte voorwaarden vastgelegd voor de eventuele goedkeuring van het handelsluik van de associatieovereenkomst tussen de EU en Mercosur.

De tekst van de ontwerpovereenkomst Mercosur ondergaat nog een juridische screening en zal volgens de laatste schattingen in de herfst van 2020 ter ondertekening aan de Raad van de EU worden voorgelegd. Het is daarom essentieel dat de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tijdig een standpunt inneemt en daarbij ook de voorwaarden voor haar eventuele goedkeuring formuleert. Dat is inmiddels gebeurd.

Voor de Regering staat het vast dat ze de ondertekening van de overeenkomst in de huidige vorm niet kan goedkeuren. Om de Mercosur-overeenkomst te valideren, eist het Brussels Hoofdstedelijk Gewest:

  • de naleving van de akkoorden van Parijs;
  • het nemen van maatregelen om ontbossing tegen te gaan en om het Amazonegebied en andere tropische wouden ook in de toekomst te beschermen en uit te breiden, wat slagkrachtige instellingen en staatsagentschappen vereist.
  • de naleving van de fundamentele normen van de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) en van de vakbondsrechten; de inclusie van een geschillenbeslechtingmechanisme in het hoofdstuk handel en duurzame ontwikkeling dat gebaseerd is op de mogelijkheid om sancties te treffen in geval van niet-naleving, met de mogelijkheid om handelspreferenties in te trekken in laatste instantie;
  • een verduidelijking dat, in geval van conflicterende verbintenissen binnen het verdrag, de geratificeerde internationale verbintenissen rond milieu, klimaat, arbeidsrechten en mensenrechten voorrang krijgen;
  • een versterkte invulling en hantering van het voorzorgsprincipe ter bescherming van de gezondheid van mens, dier, planten of het milieu, bijvoorbeeld aan de hand van interpretatieve side-letters tussen de Verdragspartijen;
  • het verder concretiseren van de ambities vooropgesteld in de Mededeling van de Commissie van 2019 over “Bescherming en herstel van bossen wereldwijd: de actie van de EU opvoeren”. In dit verband, het afsluiten van een zogenaamd “FLEGT Voluntary Partnership Agreement” tussen de Europese Unie en de verdragspartners van dit akkoord, met als doel de strijd tegen illegale ontbossing op te voeren;
  • het voorstellen van Europese regelgeving inzake zorgvuldigheidsverplichting van het bedrijfsleven (‘corporate due dilligence’) voor de invoer van goederen en producten met een bos- of ecosysteemrisico op de EU interne markt, met inbegrip van een verificatiesysteem voor de naleving van criteria zoals respect voor ecosystemen, arbeidsvoorwaarden en de rechten van inheemse volkeren;
  • de invoering van een formele klachtenmechanisme die burgers, maatschappelijke organisaties, vakbonden en lidstaten in staat stellen een gemotiveerde klacht in te dienen bij de Europese Commissie over de niet-naleving van de mensenrechten-, sociale en milieubepalingen in het kader van vrijhandelsovereenkomsten;
  • een versterkte invulling van de taken van de zgn. Chief Trade Enforcement Officer van de Europese Commissie, met maximale aandacht voor de opvolging van de naleving van de engagementen in het hoofdstuk handel en duurzame ontwikkeling;
  • het invoeren van een monitoringmechanisme om de evolutie in de ontginning van land door export te verifiëren (met name in gevoelige sectoren zoals suiker en rundvlees);
  • een interpretatieve verklaring ter bevestiging en verduidelijking van de reikwijdte van het voorzorgsbeginsel in het SPS-hoofdstuk;
  • de garantie dat de Domestic Advisory Group op de eerste dag van de tenuitvoerlegging van de overeenkomst operationeel zal zijn, waardoor het maatschappelijk middenveld in de partnerlanden wordt versterkt;

Door op deze wijze haar voorwaarden vast te leggen, wil de regering zowel constructief als preventief handelen. Ze wil zo de noemenswaardige negatieve milieugevolgen die dreigen voort te vloeien uit de handelsovereenkomst zoals die nu op tafel ligt, vermijden en beperken. Dankzij deze voorwaarden moet de naleving van de gezondheidsnormen door de Mercosur-landen ook daadwerkelijk kunnen worden gecontroleerd. De Mercosur-landen staan immers bekend om hun zeer intensieve landbouwmodel en maken daarbij gebruik van veel chemische en farmaceutische producten. Door haar gehechtheid aan het Akkoord van Parijs en aan de Green Deal te herbevestigen, wil de Brusselse regering met name de negatieve externe effecten voor het klimaat vermijden die door deze handelsovereenkomst verwacht worden. In haar meerderheidsakkoord heeft deze regering zich er tenslotte toe verbonden om te streven naar een ecologische overgang door de economische activiteit lokaal te verankeren, en met het oog daarop in te zetten op de circulaire economie, lokale landbouw, stadsindustrie en lokale productie. Deze overeenkomst dreigt in dat opzicht in tegenstelling te staan met de GoodFood-strategie, die onder andere de ontwikkeling van de lokale voedselproductie en de vermindering met 30% van de voedselverspilling voor 2020 voorziet. De huidige ontwerpovereenkomst is dus moeilijk te verzoenen met de doelstellingen van de gewestelijke beleidsverklaring van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering.

Contacteer ons
Reine Nkiambote Woordvoerster, Kabinet Pascal Smet
Reine Nkiambote Woordvoerster, Kabinet Pascal Smet
Over Pascal Smet

Brusselse Regering Staatssecretaris van Stedenbouw en Erfgoed - Europese en Internationale Betrekkingen - Buitenlandse handel - Brandbestrijding en Dringende Medische Hulp

VGC collegelid voor Cultuur, Jeugd, Sport en Gemeenschapscentra

Pascal Smet
Zenith
Koning Albert II laan 37 - 12de
1030 Brussel